Brood, spelen en kunst
Laatst gewijzigd op 26-10-2026
De afkeer die ik voel jegens het woord "Kunst" groeit elke keer dat ik het lees. Ik schreef laatst verwoed in een schetsboek een betoog met flinke medisch-technische krachttermen waarom. Hier, voor het oog van de lezer, wil ik het uiteenzetten met een beschaafdere inborst.
Ik ben niet de enige die zich hieraan stoot (gelukkig). Befaamd schilder Odd Nerdrum beweert geen kunst te maken maar "kitsch" - nadat zijn critici hem van hetzelfde betichtte. Hij gebruikt het als een geuzennaam. Volgens Odd is de kunstwereld afgedwaald in het conceptuele en heeft de drang naar nieuwe vormen van expressie of ideëen het concept van kunst onherroepelijk vervuild.
Zijn standpunten zijn begrijpelijk maar toch deel ik ze niet. Bovendien is het een capitulatie. Hij geeft zich gewonnen en distantieert zijn werk van het discours van de kunstwereld. Dat zie ik als zonde. Een zelfopgelegd kunstzinnig kluizenaarsschap in plaats van strijd te leveren in de arena. Maar wat ligt dan aan de grondslag van mijn eigen afkeer?
Het antwoord erop is lastig te vangen in woorden. Vooralsnog denk ik dat het een combinatie is van de interessantdoenerij omtrend matig werk, de nadruk op "onderzoeken" ("De maker onderzoekt...") en de propagandistische grondslag die leidend lijkt in de bredere kunstwereld van vandaag. Ik ga meteen de kanttekening plaatsen dat ik deze dingen dagelijks in meer of mindere mate aanvoel en de drang om mij hier druk over te maken niet altijd aanwezig is. Daarnaast denk ik dat een stevige korrel zout nodig is bij alles wat een kunstenaar beaamt.
Maargoed, deze zaken hollen wel het woord "kunst" uit. "Matig werk" is natuurlijk vaag van mij omschreven. Ik bedoel hier vooral werk mee dat toch op een bepaalde manier een luie indruk op maakt. Aldanniet conceptueel werk dat niet verder weet te komen dan "dat is wel grappig" of beeldend werk waarin een onderontwikkelde beheersing en interesse in het gebruikte medium mij ergert. Beide neem ik de kunstenaar totaal niet kwalijk, immers is niet alles voor mij gemaakt (helaas) en daar dien ik vrede mee te hebben. Maar omdat de tendens van vandaag uit gaat ligt in de strekking "alles is kunst" wordt van kunstenaars eigenlijk niet meer gevraagd zich te bewijzen. Het verschil tussen kleinkunst en hoofdletter K Kunst is vervaagd en eerlijk gezegd zie ik zelf ook niet waar de grens ligt. Wat ik probeer te zeggen is dat ik maar zelden kunstenaars tegenkom die nog durven te streven naar een manische vorm van meesterschap omdat de maatschappij dat op een bepaalde manier toch vreest. De instituten belonen scheppingsdrang niet en degraderen de maniacale Kunstenaars tot "makers". Om te huilen. Een "maker" is een slap, neoliberaal aftreksel van wat een kunstenaar kan zijn. Zie uzelf daarom ook niet als "maker" maar als kunstenaar! Omarm je eigen gekte en wees niet bang om ondoorgrondelijk te zijn. Laat ze maar gissen!
De valstrik die gelegd wordt is die van het "onderzoek". Een kunstenaar is geen wetenschapper of journalist. Een kunstenaar beschrijft, vanuit de emotie. Dat er vanalles onderzocht moet worden door kunstenaars is een soort masochisme; het is niet genoeg om vanuit het eigen intrinsieke te werken maar het bestaansrecht moet verworven worden voor de machine. Vandaar het onderzoek. Een kunstenaar is waardeloos, wordt geimpliceert, tenzij die (maker - bah) zich dan maar begeeft in het pseudowetensschappelijke, in de ratio. Het irrationele en het emotionele wordt wederom gevreesd en het wordt afgeraden vanuit daar te werken. Zo wordt de kunstenaar vakkundig vleugellam gemaakt en het domein waar hij heerst - de emotie - wordt gereduceert tot iets overbodigs. Weer een oproep aan de lezer: pak het koninkrijk terug! Werk vanuit het irrationele, de emotie, het wazige en laat de rationelen sidderen van angst. Het enige onderzoek dat er toe doet is het onderzoek naar uzelf en naar uw gekozen vorm van ambacht. Zij zien u liever gereduceert tot een stuk gereedschap waar wat geld aan te verdienen is. Als apparaat voor propaganda en als het 3e onderdeel van "brood en spelen". Dat alles terwijl de ziel smacht naar uw authenticiteit! Laat het onderzoeken maar over aan de makers en hun maaksels. Die verdwaalde kunstenaars die zich nog niet durven te verheffen maar zich in de maatschappij willen passen. We mogen immers niet té radicaal zijn.
Goed - wederom een lapje tekst. Ik voelde tijdens het schrijven toch weer diezelfde lastig te vangen frustratie over wat er van het woord kunst (en het fenomeen kunst) nog over is. Dat is wellicht terug te zien in de tekst. Maar ik laat het zo staan omdat ik mijzelf aan mijn woorden meet en de vervaging omarm. In dat vage vind ik dan toch weer wat verheldering, tenminste voor mijzelf. Wellicht vindt u ook wat vaste grond in de vage kunsten. Als u een kunstenaar bent hoop ik dat ik u tot bondgenoot kan rekenen, en als u een maker bent hoop ik dat u dat juk van u af weet te werpen.